6368363 

Gedurende de tijd


Gedurende de tijd dat in de leeszaal de kunst en een vreemde taal worden opgedoekt, aan vijf van de zes grote tafels waaraan met gemak met z’n tienen gezeten kan worden er nu slechts één zit met een krant, een eigenaar van bitcoins deze tegen het veiliger zcash verruilt, loopt U met een kop koffie – cappuccino – naar een tafel, verkleurt er fruit.

“Als ze uit eten gaan, hebben ze zo’n mes in hun zak voor het vlees en het brood. Het maakt niet uit wat het kost, niemand kijkt raar op als je het zo doet. Het lemmet kan met één haal door de bekleding, zo scherp is het. Niet mooi, maar scherp. Alles dat onder blauw, zwart, geel en wit zit puilt uit. Schuim. We gaan, hier is niks meer.”

Gedurende de tijd dat aan de tafels de aantallen veranderen, zij in ongenade gevallen is, lang niet te zien geweest, er gespeculeerd is over een mogelijke zwangerschap veroorzaakt door een dictator, zet U de koffie, de tas en nog een, op een van de tafels, zoekt in de geoptimaliseerde tijdschriftenkast Uw favoriete glossy, legt die naast de tassen, pakt de schootcomputer en gaat, het hoofd met de rechterhand ondersteunend het tijdschrift lezen, een meditatieve tekst beluisteren, onderbreekt het lezen om op de schootcomputer te zien wat daar gebeurt, zoekt een jongen van viereneenhalfjaar de aandacht van zijn vader en worden kwetsbare asielzoekers geronseld, verkleurt er fruit.

“Daar”, en hij wijst in de richting van het steengruis dat neersneeuwt, “Daar kun je ze zometeen zien, op die hoek, die winkeltjes, als het regent zie je ze beter vanaf hier .”

Gedurende de tijd dat een ivoordelver een slagtand uit het ijs hakt, uit zijn ingesneeuwde positie is gered, van de losgeraakte ijsschots gehaald, heeft de jongen zijn vader overtuigd, loopt de grijs-blonde vrouw met een losgeraakt nietje tussen duim en wijsvinger richting prullenmand, blijven de tafels oneven bezet en duiken als herfstkrokussen kleine jungles op, legt zij het nietje terug in de krant, vindt van alle politieke partijen er één dat de anderen gericht zijn op de westerse mens en geld, verkleurt er fruit.

“Kan hij opnieuw tot leven geroepen worden, hij die alles kan, niet terwille van bomen, of van dat wat ritselt, of die doodslaat, maar verstand heeft van kraanleertjes.”

Gedurende de tijd dat Andrej zijn T-Shirt met de tekst Nuchtere Fries aantrekt, dat spiegelbeeldig bewondert, op de stoep van Ulitsa Institutskaya fietst, heeft een voetbalsupporter het dertig kilo wegende boek opengeslagen op zijn schoot gezet om in die positie gefotografeerd te worden, kortademig door zittend werk, kunnen zijn knieën de kilo’s niet meer aan, staan op de salontafel ontkurkte bierflesjes, bakjes met pinda’s, wokkels, een halfleeg glas wijn, verkleurt er fruit.

“Er zijn akkers die tegen de heuvels opklimmen, dieren die onherkenbare geluiden uitstoten, schrijvers zonder Nobelprijs, taal die ingewikkeld is, pooiers van hetzelfde slag. Er bestaat moeite, er zijn auto’s, fietsen en karren getrokken door mensen en verschillend ander spul.”

Gedurende de tijd dat je de shawl op het tot rust geborstelde donkere haar speldt, de uiteinden ervan losjes over de schouders slaat, zit ik wachtend voor de paskamer, afwisselend op mijn telefoon en naar jouw vanonder de gordijnen zichtbare voeten te kijken en hoop je dat de jurk goed afkleedt, verkleurt er fruit.

- Peter Prins