02-In-the-storm-1872-Ivan-K-Aivazovsky-Иван-К-Айвазовский-Paintings-of-the-Sea-from-1840-to-1900-www-designstack-co 

Elegie voor jongens

Opgeschoten hangen ze in schommels en tegen schuttingen van de tuin. Ze zijn van over de dijk. Één winterjas bezitten ze en spugen vanaf de brug in het kanaal.

Bewapend en geharnast met smartphones sleuren ze aan hun schepen, de branding door naar het wachtende water er achter. Klimmen aan boord met de jekkers, onder moeders ogen, tot boven aantoe geknoopt. Hun sterke lijven roeien tegen aanrollende water, niets werpt ze meer terug, het is wachten op wind,

ze verheffen hun stem, bemoedigden. Het guldenvlies in volle bloei, tenslotte, is tussen de stammen gespannen, daar wacht het, die kust moeten ze aandoen om er vuur te stoken.

Onzichtbaar zullen ze ook worden in de schemer van een laatste herfst, maar nu nog roeren ze als jong vee, de jongens, ongedurig.

- Peter Prins