image 

Huis

Laat ik vertellen over hun huis dat geen deuren en geen vensters heeft en gebouwd is van dikke steen. Laat ik vertellen over de tafel de stoelen het bed alles van ijzer. En vertellen over het ontbreken van lampen. Het is geen woning het is een huis waar binnen en buiten hetzelfde zijn waar dag en nacht zomer en winter vrij toegang hebben. Een huis dat elke nacht sterft samen met het licht en elke ochtend ontwaakt samen met het licht. Zo heeft de architect het bedoeld. Een bushalte. Een wachtkamer. Voorportaal tot ellende. Rondom nergens een boom. Rondom nergens leven. Wel wolken en wind. Kom ik neem je bij de hand en leid je door het huis. Wees gerust de bewoners zijn er niet heb ik gezien. Op zee is hun eigenlijke woon. Hier aan een schroefhaak een oliejas. En daar in de hoek een bezem. Die jas en die bezem de enige aanwijzingen voor hun bewoning. Er is een kast. Die laten we dicht. Drie stoelen staan keurig in het gelid aan de tafel. Op de grond ligt een dode meeuw. Op tafel een briefkaart. Vreemd. Dat is de briefkaart die ik hun eens schreef. De post komt hier af en toe zo nu en dan. Ze hebben geen brievenbus hier. Niet eens een huisnummer. Waar zijn ze gebleven. Brengen ze hun dagen en nachten buitengaats door. De boot is weg. Of ze zijn verdronken. Verdwaald in de mist. Hoe nu verder. Vorige keer. Wanneer was de vorige keer. In de stilte groeit paniek. Dit is foute boel. Toch is het hier niet stoffig. Behalve die meeuw. Kwam binnen gevlogen. Vond de uitgang niet. Verhongerd. Gestorven. Zo gaat dat. We laten hem hier liggen. Hoort hier. Wat zeg je. Zou kunnen. Vertrokken over zee. Komen nooit meer terug. Het is een kleine boot. Geladen met wanhoop. Zou kunnen. Wat staat er op de briefkaart. Wat is er aan de hand. Wat is er gebeurd. Bezorgde groeten van mij. Vage herinnering aan lang geleden. Hebben ze het gezien. Hebben ze het gelezen. Hebben ze vergeten terug te schrijven. Weet je wat we doen. We gaan naar het klif gooien de briefkaart in zee en zwaaien hem uit. Misschien bereikt hij hen. Wat kunnen we anders doen.

- KHOP